Vier zussen—Tiny, Lea, Elly en Wilma Laarakker—exposeren samen werk waarin hun gezamenlijke jeugd tot leven komt. Zij vertalen herinneringen en waarnemingen naar uiteenlopende disciplines: van textiele kunst en keramiek tot schilderijen en tekeningen. Hun jeugd op het platteland, omringd door bossen en water, vormt de bakermat van hun verbeelding en hun sterke onderlinge band.